Hoofdstuk 6

6.9 Instellingen van het onbemande luchtvaartuig

Om je als piloot aan de limieten en veiligheidsmaatregelen te houden, dien je een aantal standaarden in te stellen in de software van het besturingsprogramma van het onbemande luchtvaartuig. De belangrijkste instellingen zijn:

  • Maximale hoogte
  • Maximale afstand
  • Return-to-Home-punt
  • Updates van het onbemande luchtvaartuig in verband met de verplichte Geo Awareness
  • Invoer van het verplichte registratienummer (nog niet relevant, pas bij drones met een CE-label)

Résumé

Zie hoofdstuk 6.11 voor een korte samenvatting.

Créer un compte pour continuer la lecture